
13.1 Klimaatadaptatie
Algemeen
Klimaatverandering vormt een groeiende uitdaging voor bedrijven wereldwijd. De stijgende temperaturen, frequente extreme weersomstandigheden en veranderende neerslagpatronen hebben ook directe gevolgen voor de drinkwatersector. Als drinkwaterbedrijven is het essentieel om proactief te handelen en veerkrachtig te zijn tegen de impact van klimaatverandering.
Een klimaatadaptatie strategie zorgt ervoor dat de risico’s ten aanzien van klimaatverandering goed in beeld zijn en dat de juiste bedrijfstechnische keuzes worden gemaakt met oog op de toenemende klimaatveranderingen.

Weerbaarheid
Een weerbaarheidsanalyse vormt de basis van het nader uit te werken beleid en eventuele actieplannen op het thema klimaatadaptatie. De weerbaarheidsanalyse wordt opgesteld vanuit een risicoanalyse, waarbij specifieke klimaatrisico’s, ten aanzien van drinkwaterproductie, worden geïdentificeerd.
Risicoanalyse
De risicoanalyse omvat zowel directe (bijvoorbeeld infrastructuur) als indirecte (bijvoorbeeld keten) aspecten van klimaatverandering. De geïnventariseerde en vastgestelde risico’s vormen de basis om bestaand beleid aan te toetsen. Op basis van deze toetsing kan worden vastgesteld op welke vlakken bestaand beleid onvoldoende zekerheid biedt voor de toekomst.
Hiermee wordt de weerbaarheid van het bedrijf en eventuele risico’s vastgesteld.
Financieel
Om voorbereid te zijn op de gevolgen van klimaatverandering, moet WMD zich aanpassen. Veel van deze veranderingen komen relatief geleidelijk, waardoor dit met name effect heeft op lange termijninvesteringen. Hierbij kan gedacht worden aan hernieuwde ontwerprichtlijnen in verband met veranderde piekwatervraag en realisatie van brand- en overstromingsveilige assets.
Mitigerende maatregelen
Om toekomstbestendig te zijn, is het voor WMD ook belangrijk impact op de omgeving te minimaliseren. Zogenaamde mitigerende maatregelen zorgen voor een verlaagde impact van de drinkwateronttrekkingen op de omgeving. Deze aanpassingen zijn van belang om toekomstbestendige winningen te realiseren.
Operationeel gezien heeft klimaatverandering in de vorm van hitte en overstromingsgevaar impact op beschikbaarheid van personeel en materiaal. Het ontstaan van periodes waarin bepaalde werkzaamheden niet mogelijk zijn als gevolg van weersextremen, zullen zich in de toekomst gaan voordoen. Ook dit zou een financiële impact hebben op de organisatie.
De totale financiële impact voor het klimaat adaptief maken van WMD is onbekend. Ook de financiële impact van calamiteiten als gevolg van klimaatverandering is niet bekend, dit is in hoge mate afhankelijk van de daadwerkelijk klimaatverandering.

Uitkomsten risicoanalyse
In 2024 is een uitgebreide risicoanalyse opgesteld samen met Waterbedrijf Groningen. In deze analyse is gebruik gemaakt van EU-taxonomie om potentiële klimaatbedreigingen voor de waterbedrijven te identificeren. Op basis van een bureaustudie is vastgesteld welke klimaatbedreigingen uitgewerkt dienen te worden.
In de bureaustudie is gebruik gemaakt van rapporten van Deltares, IPCC, PBL en KNMI. Deze rapporten zijn vertaald naar relevante informatie voor de waterbedrijven. Na de beoordeling van materialiteit, is per onderwerp een risico uitwerking gemaakt voor een vijftal bedrijfsonderdelen: Waterbeschikbaarheid, Watervraag, Waterkwaliteit, Assets en Distributie.
Vooruitblik
Uit de risicoanalyse is een overzicht gemaakt welke klimaatrisico’s relevant zijn voor WMD. Deze risico’s worden tegen het bestaande beleid aangehouden om te kijken of de risico’s voldoende zijn afgedekt. Hierbij kan worden gedacht aan de visie en strategie van WMD. Maar bijvoorbeeld ook aan formele beleidsstukken zoals de verstoringsrisicoanalyse, leveringsplan en ontwerprichtlijnen.
Voor de onderwerpen waarbij klimaatverandering onvoldoende is afgedekt, worden aanbevelingen geschreven ten aanzien van nieuw beleid.
KPI
Voor 2024 zijn geen KPI’s gedefinieerd, deze worden in 2025 opgepakt.
13.2 Klimaatmitigatie
Algemeen
Klimaat (SDG 13) vormt één van de drie pijlers van het duurzaamheidsbeleid van WMD. Hieronder verstaan we de thema’s klimaatadaptatie (zie hoofdstuk 13.1), energie (zie hoofdstuk 11) en klimaatmitigatie. Dit derde thema ziet WMD als het proces om broeikasgassen te reduceren. Daarmee beperkt WMD de gemiddelde wereldwijde temperatuurstijging tot maximaal 1,5 °C boven het pre-industriële niveau, zoals vastgelegd in de Overeenkomst van Parijs.
Broeikasgassen zoals CO2 en methaan houden warmte vast in de atmosfeer en dragen bij aan opwarming van de aarde. WMD neemt haar verantwoordelijkheid in het terugdringen van de uitstoot van deze gassen en onderschrijft de doelen van het Parijs akkoord. Concreet heeft WMD zich tot doel gesteld om toe te werken naar netto nul emissie in 2050 (op basis van de wetenschappelijk onderbouwde SBTi methode). Met als tussenstap een reductie van 42% van de uitstoot in 2030 (t.o.v. 2020).

Impact
Het thema klimaatmitigatie is relevant vanuit impact materialiteit. De impact van de uitstoot van broeikasgassen op het milieu is significant, aangezien het leidt tot opwarming van de aarde, extreme weersomstandigheden, het stijgen van de zeespiegel en veranderingen in de neerslagpatronen. Dit heeft rechtstreeks invloed op de landbouw, waterbronnen, biodiversiteit en infrastructuur.
De impact op mensen kan luchtvervuiling, ademhalings- en hart- en vaataandoeningen en voedselonzekerheid door de veranderingen in de landbouwproductie veroorzaken. WMD brengt haar aandeel in deze impact in kaart aan de hand van het jaarlijks opstellen van een klimaatvoetafdruk conform het GHG protocol. Verderop in hoofdstuk 13.2 Klimaatmitigatie is de CO2-voetafdruk van WMD in 2024 beschreven.
Hier is te zien dat de klimaatvoetafdruk van WMD met name bestaat uit broeikasgassen die worden uitgestoten bij het winnen, zuiveren en leveren van drinkwater en de hieruit resulterende ketenemissies. Een groot deel van deze emissies zijn beïnvloedbaar, denk daarbij aan de uitstoot van CO2 en methaan bij de zuiveringsprocessen en het gebruik van elektriciteit, fossiele brandstoffen, chemicaliën en andere materialen voor de bedrijfsprocessen.
Belangrijkste resultaten
In het jaar 2024 is het thema klimaatmitigatie scherper op de agenda gekomen bij WMD. Er is een overkoepelende doelstelling vastgesteld voor de jaren 2050 (netto nul emissie) en 2030 (42% reductie t.o.v. 2020). Deze doelstellingen zijn uitgewerkt in een viertal onderliggende beleidsthema’s.
Beleidsthema's
1. Opstellen emissie- en energieplan
In 2024 is inhoudelijk de focus gelegd op het thema energie als grootste beïnvloedbare element van de klimaatvoetafdruk van WMD. Zo is bijvoorbeeld energiebeleid vastgesteld (zie thema Energie in hoofdstuk 11). Er zijn workshops georganiseerd om maatregelen te identificeren voor verdere energiebesparing. Ook zijn maatregelen voor reductie van emissies geïdentificeerd.
Actie:
Het in 2024 opgestelde energiebeleid zal in 2025 onderdeel worden van een breder emissieplan (met een looptijd t/m 2027) dat qua scope de gehele voetafdruk van WMD omvat. Hierin worden de in 2024 geïdentificeerde maatregelen uitgewerkt tot concrete actieplannen. Doel is om in 2025 de plannen vast te stellen, daaruit jaarlijkse emissiereductiedoelen op te maken en te starten met de uitvoering van de maatregelen.
2. Groene energie
In 2024 is een nieuw energiecontract afgesloten met als resultaat dat per 2025 elektriciteit wordt ingekocht afkomstig van Nederlandse wind (GvO’s).
Actie:
Op langere termijn is de intentie om een steeds groter deel van de elektriciteit, benodigd voor de kernprocessen van WMD, zelf op te wekken (zie 3).
3. Eigen energie
In 2024 zijn voorbereidingen getroffen voor de realisatie van een zonnepark op gronden van WMD in Annen. Het vergunningentraject is opgestart voor de realisatie van een lage erfmolen op gronden van WMD in Zuidwolde.
Actie:
Het realiseren van eigen hernieuwbare opwek. In 2025 is de verwachting dat Annen gerealiseerd wordt, voor de locatie Zuidwolde zal nader onderzoek worden gedaan in het kader van de vergunningverlening.
4. Ketenemissies (scope 3)
Om een onderbouwd doel te kunnen stellen voor ketenemissies, is meer inzicht nodig. In 2024 is gewerkt aan het in kaart brengen van de ketenemissies voor zover haalbaar.
Actie:
In 2025 zal een verbeterplan carbon accounting worden geactiveerd om het inzicht in de impact van WMD verder te vergroten. Het einddoel is een volledig beeld te hebben van de klimaatvoetafdruk van WMD in 2027. Op basis van de resultaten van de klimaatvoetafdruk over 2024 zal in 2025 in het emissieplan een doelstelling worden opgesteld voor ketenemissies.
2024 is daarmee het begin van de uitwerking van het thema klimaatmitigatie. Inzicht is verkregen en doelen zijn vastgesteld. De uitwerking van deze doelen is opgestart. De verwachting is dat dit in 2025 zal leiden tot actieplannen en nog belangrijker: concrete uitvoering van maatregelen om de klimaatvoetafdruk van WMD te verkleinen.
KPI
Op dit moment zijn geen KPI’s geformuleerd aangaande de klimaatvoetafdruk van WMD. De verwachting is dat dit in 2025 gaat gebeuren op basis van het nog op te stellen emissieplan en de daarbij horende actieplannen. Om transparant te zijn over de huidige stand van zaken publiceert WMD vooruitlopend op de plannen in dit jaarverslag voor het eerst de klimaatvoetafdruk van WMD.
WMD heeft in 2024 haar CO2-voetafdruk in kaart gebracht. Dit laat zien waar WMD direct (scope 1) en indirect (scope 2 en 3) broeikasgassen uitstoot. Deze analyse helpt WMD om te kijken waar de uitstoot verminderd kan worden met als effect het verkleinen van de impact op het milieu.
De voetafdruk van WMD in 2024 wordt in onderstaande diagrammen weergegeven. De voetafdruk is uitgesplitst in scope 1, 2 en 3 voor zowel marktgebaseerd als locatiegebaseerd. Scope 3 is uitgesplitst in diverse sub categorieën. De categorie 'diversen' bestaat uit:
- categorie 4: 'Stroomopwaarts' transport en distributie (55).
- categorie 6: Zakelijke mobiliteit (9).
- categorie 9: 'Stroomafwaarts' transport en distributie (60).
Toelichting per scope
| Scope 1 | Scope 1 omvat alle uitstoot die direct door WMD wordt veroorzaakt. Dit omvat bijvoorbeeld de uitstoot die ontstaat bij de verbranding van brandstoffen in bedrijfsauto’s van WMD, evenals de broeikasgassen die vrijkomen bij het beluchten van grondwater in de pompstations. Vooral het methaangas dat hierbij vrijkomt, heeft een grote invloed op de CO2-voetafdruk. |
| Scope 2 | Scope 2 betreft de uitstoot die vrijkomt bij de productie van elektriciteit die WMD heeft ingekocht. WMD verbruikt vooral veel elektriciteit op haar pompstations. Ook het gebruik van elektriciteit in de kantoren en voor de elektrische bedrijfsauto's valt onder scope 2. |
| Scope 3 | Scope 3 omvat alle vormen van uitstoot die ontstaat door de activiteiten van WMD, maar waar WMD geen directe controle of eigenaarschap over heeft. Belangrijke voorbeelden hiervan zijn de emissies die vrijkomen bij de productie van ingekochte producten en materialen, de emissies die ontstaan bij het bouwen en onderhouden van de locaties van WMD en het leidingnet, en de emissies die vrijkomen op de pachtgronden. |
'Marktgebaseerd' vs 'Locatiegebaseerd'
Het verschil tussen de marktgebaseerde voetafdruk en de locatiegebaseerde voetafdruk ligt in de manier waarop het elektriciteitsgebruik wordt omgerekend naar CO2-uitstoot. Dit omrekenen gebeurt met behulp van emissiefactoren, die bepalen hoeveel CO2-uitstoot overeenkomt met een bepaalde hoeveelheid verbruikte elektriciteit (in kWh). Groene stroom heeft over het algemeen een lagere emissiefactor dan grijze stroom, wat betekent dat bij hetzelfde gebruik uit een groenere bron de CO2-voetafdruk lager is.
Het elektriciteitsnet en de inkoop van elektriciteit zijn complex. De stroom die je op papier inkoopt, is niet altijd dezelfde als wat er daadwerkelijk uit je stopcontact komt. Voor de marktgebaseerde voetafdruk wordt de emissiefactor gebruikt van de stroom die WMD op papier inkoopt. WMD koopt voornamelijk stroom met het label 'Europese wind' (GVO's) in, waarvoor de emissiefactor voor grijze stroom geldt.
Voor de locatiegebaseerde voetafdruk worden de emissies berekend op basis van de gebruikte elektriciteit en lokale emissiefactoren, oftewel 'wat er uit het stopcontact komt'. Hierbij wordt de emissiefactor voor Nederlandse stroom met onbekende afkomst gebruikt.
Vanaf 1 januari 2025 stapt WMD over op stroom met het label 'Nederlands wind', waardoor de marktgebaseerde voetafdruk aanzienlijk zal dalen. Deze stroom heeft namelijk een emissiefactor van 0, terwijl 'Europese wind' een relatief hoge emissiefactor heeft.
13.3 Waterverontreiniging
Algemeen
WMD produceert afvalwater op haar productielocaties. Dit ontstaat wanneer de zandfilters worden gespoeld met drinkwater om het neergeslagen ijzer te verwijderen. Dit spoelwater wordt, na bezinking van het ijzer, als afvalwater geloosd op oppervlaktewater. In deze afvalstromen zitten geen verontreinigende stoffen.
Daarnaast loost WMD op 1 locatie concentraat vanuit de zuivering op oppervlaktewater. Ook dat water bevat geen verontreinigende stoffen. Alle lozingen vinden plaats volgens de geldende vergunningen/maatwerkbesluiten van het bevoegde gezag, te weten het waterschap.
Geen verontreinigende stoffen
De afvalstromen van WMD bevatten geen verontreinigende stoffen omdat het grondwater nog relatief schoon is. Door te zorgen dat grondwaterbronnen schoon blijven, voorkomt WMD dat ze op termijn extra moet zuiveren en een afvalstroom met verontreinigende stoffen gaat produceren.
Op 1 locatie loost WMD een met nikkel-EDTA verontreinigde bron rechtstreeks op het riool. Ook hiervoor heeft WMD een vergunning. Omdat nikkel een zeer zorgwekkende stof is houdt WMD de hoeveelheid die wordt geloosd nauwlettend in de gaten.
Financieel
Verontreiniging van bronnen vormt een potentieel financieel risico, omdat deze kunnen leiden tot hoge investeringen in de zuiveringen en eventuele behandeling van afvalstromen. De volgende stoffen vormen zo’n potentieel risico:
- Per- en polyfluoralkylstoffen
- Bestrijdingsmiddelen en afbraakproducten
- EDTA
Belangrijkste resultaten
In 2024 hebben verontreinigingen niet geleid tot extra investeringen in de zuiveringen. Het speerpunt van het beleid ten aanzien van verontreinigingen is het voorkomen van verder verontreinigingen van de bronnen. Wat er niet in zit, hoeft er ook niet uit. WMD kan dit niet afdwingen, maar is continu in gesprek met relevante stakeholders die dit beleid kunnen ondersteunen en omzetten naar concrete maatregelen.
Naast alle activiteiten die binnen het omgevingsmanagement plaatsvinden is in 2024 een factsheet gemaakt over het niet halen van de KRW-doelen in relatie tot onze drinkwaterbronnen. Deze is toegestuurd aan de Provinciale Staten van Drenthe om onze zorgen hierover onder de aandacht te brengen en te vragen om actie.
WMD blijft, net als voorgaande jaren, zich richten op de bescherming van de bronnen. Zie daarvoor hoofdstuk 7, 'Jaaroverzicht'.
13.4 Water

Algemeen
Om drinkwater te kunnen produceren en leveren aan klanten verbruikt WMD zelf ook water. Onder andere bij het spoelen van de filters, bij het spuien na een calamiteit en door veelal onzichtbare lekverliezen. WMD levert water aan huishoudens, bedrijven en collega-waterbedrijven.
Het drinkwaterverbruik van individuele consumenten varieert sterk, maar ligt tussen de 100-130 liter per persoon per dag. Dit omvat watergebruik voor drinken, koken, persoonlijke hygiëne, schoonmaken en andere huishoudelijke taken. Het waterverbruik van bedrijven is sterk afhankelijk van de aard van de activiteiten.
WMD stimuleert bewust watergebruik bij klanten, maar zet ook in op het verminderen van haar eigen waterverliezen tijdens productie en distributie. Dit kan bijdragen aan het behoud van watervoorraden en het verminderen van de druk op de watervoorziening.
Financieel
WMD heeft voor de grondwateronttrekkingen in Drenthe vergunningen. Aan deze vergunningen is een maximum hoeveelheid gebonden. Vastgesteld door de vergunningverlener, de provincie Drenthe.
WMD heeft te maken met een groeiende vraag naar drinkwater de komende jaren. De bevolking krimpt niet zoals eerder werd verwacht, maar blijft stabiel of groeit licht. De provincie Drenthe heeft een woningbouwopgave vanuit het Rijk van enkele duizenden nieuwe woningen. Deze worden de komende jaren aangesloten op het netwerk van WMD. Bovendien is er een groeiende vraag naar drinkwater vanwege de groei van de economie en de behoefte aan drinkwater bij veel MKB bedrijven.
WMD zoekt daarom samen met de provincie Drenthe naar 'nieuw water' om in de toekomst te kunnen voldoen aan de vraag. Zo wordt gekeken naar de ruimte die er nog is om extra grondwater te winnen binnen de huidige vergunningen, wordt gekeken naar de uitbreiding van bestaande vergunningen en wordt gezocht naar nieuwe bronnen in de provincie.
Het realiseren van nieuwe bronnen (vergunningen, bouwen pompstations en aanleggen leidingen) is een zeer intensief en kostbaar traject.
Belangrijke resultaten
In 2024 is een programma van eisen opgesteld voor de vervanging van UF-installaties door conventionele spoelwaterhergebruik op de productielocaties in Annen en Valtherbos. In dit programma van eisen is eveneens een renovatie van de spoelwaterhergebruikinstallatie in Noordbargeres opgenomen. Dit moet leiden tot verbetering van het spoelwaterhergebruik op deze locaties. En dus van minder verlies van water.
Vooruitblik
In 2027 moet de optimalisatie van het systeem van spoelwaterhergebruik zijn afgerond. Een volgende stap is het beschikbaar maken van niet-operationele reserves en uitbreiding van winvergunningen om reserves op peil te houden.
WMD oriënteert zich op het toepassen van aanvullende natuurlijke zuiveringsmethoden. Een voorbeeld is de toepassing van helofytenfilters. Met deze natuurlijke filters kan oppervlaktewater worden gezuiverd, waarna het via diepinfiltratie in de bodem wordt gebracht. Doel is om de grondwatervoorraad aan te vullen.
KPI
| Thema | Omschrijving | 2024 |
|---|---|---|
| Waterbeschikbaarheid | Operationele reserve (OR) | 10,9% |
| Niet operationele reserve (NOR) | 12,0% | |
| Productieverlies | Met spoelwaterhergebruik | 2,6% |
| Zonder spoelwaterhergebruik | 4,9% | |
| Distributieverlies | Niet in rekening gebracht water | 3,0% |
13.5 Biodiversiteit en ecosystemen
Algemeen
WMD wil aantoonbaar bijdragen aan een leefbare en duurzame wereld. WMD stelt uitdagende ambities en kijkt daarvoor naar de Sustainable Development Goals (SDG), zoals vastgesteld door de Verenigde Naties. Voor biodiversiteit en ecosystemen gaat het om:
* SDG 15 - Leven op het land
WMD wil als onderdeel van Leven op Land voor het thema biodiversiteit en ecosystemen de ambities meetbaar en concreet maken.

Impact
Biodiversiteit en ecosystemen zijn van cruciaal belang voor het behoud van het leven op aarde, evenals voor de gezondheid en levenskwaliteit van mensen. Biodiversiteit verwijst naar de verscheidenheid aan planten, dieren, micro-organismen en ecosystemen die de planeet rijk is. Ecosystemen omvatten alle levende organismen in een specifiek gebied, samen met de fysieke omgeving waarin ze zich bevinden.
WMD onttrekt water uit grondwaterbronnen, wat mogelijk een negatieve invloed kan hebben op de biodiversiteit en de omliggende ecosystemen. Tegelijkertijd draagt de drinkwaterwinning ook positief bij aan de bescherming van biodiversiteit en ecosystemen, doordat drinkwaterbronnen beschermd worden tegen vervuiling. Biodiverse ecosystemen spelen een sleutelrol in het filteren en zuiveren van water, door verontreinigingen te verwijderen en de waterkwaliteit te behouden.
WMD bezit ongeveer 850 hectare grond in of nabij onze grondwaterwingebieden. Met deze terreinen heeft WMD een belangrijke kans om in Drenthe actief bij te dragen aan de biodiversiteit, wat een nieuw doel is voor het bedrijf.
Grondpositie van WMD
| Subtotaal (ha) | Totaal (ha) | ||
|---|---|---|---|
| Beheervlak bedrijfsterreinen | 27 ha | ||
| Beheervlakken natuur, bestaande uit: | bos en landschapselementen | 107 ha | |
| heide | 10 ha | ||
| te ontwikkelen heide | 1 ha | ||
| natuurlijk grasland | 200 ha | ||
| vochtig grasland | 62 ha | ||
| poelen en slenken | 13 ha | ||
| Totaal | 393 ha | ||
| Verpacht met natuurdoelstelling | 185 ha | ||
| Verpacht landbouwkundig | 253 ha | ||
| Eigendommen totaal | 859 ha |
WMD heeft in 2022 haar grondbeleid vastgesteld voor verpachte gronden. Tot 2022 waren er geringe beperkingen voor de pachters van gronden van WMD in de grondwaterbeschermingsgebieden. In 2023 is dit aangepast zoals is beschreven in het grondbeleid.
Aanvullende maatregelen
Pachters van gronden van WMD hebben tot 2026 de tijd om de bedrijfsvoering aan te passen om te voldoen aan de basiseisen zoals vastgelegd in het grondbeleid. Aanvullende maatregelen zijn eveneens mogelijk. Hoe meer eisen aan wordt voldaan, hoe lager de pachtsom. De geformuleerde eisen zijn gericht om de kwaliteit van het grondwater te beschermen.
Belangrijke resultaten
Het jaar 2024 is gebruikt om te komen tot heldere ambities en concrete doelen wat heeft geresulteerd in het opstellen van het Beleidsplan Biodiversiteit. In dit plan spelen pachtgronden een belangrijke rol.
De volgende stappen zijn gezet:
- Vaststelling door het MT van de (voorlopige) strategische ambitie in het kader van biodiversiteit en ecosystemen.
- Workshop voor het thema gehouden om de betrokkenheid van interne stakeholders te vergroten.
- Beoordeling van de biodiversiteit op alle WMD terreinen volgens de methode Basis Kwaliteit Natuur (BKN).
- Werksessie met het MT waarin strategische doelstellingen zijn besproken en in principe zijn goedgekeurd.
- Het concept “Beleidsplan Biodiversiteit WMD drinkwater 2025-2030” is opgesteld.
Vooruitblik
Het opgesteld beleidsplan biodiversiteit wordt in 2025 ter goedkeuring voorgelegd aan MT en directie. De looptijd van het beleidsplan is vijf jaar. Na goedkeuring wordt nadere invulling gegeven aan de onderstaande strategische doelen.
| 1 | WMD streeft naar het bereiken van basiskwaliteit natuur (BKN) in al haar wingebieden in 2035. Implementatie van het monitoringssysteem BKN vindt plaats in 2025. |
| 2 | In 2027 staat alle pacht volledig in dienst van het versterken van biodiversiteit. Het huidige pachtbeleid wordt in 2025 geëvalueerd. Daarbij is verbetering van de biodiversiteit het uitgangspunt. Waar nodig zullen aanpassingen worden gedaan. |
| 3 | WMD werkt jaarlijks samen met minimaal vijf omgevingspartijen aan concrete maatregelen die de biodiversiteit versterken. Inrichtingsplannen voor de waterwingebieden worden ontwikkelt in samenspraak met omgevingspartijen. |
| 4 | WMD integreert in 2026 biodiversiteit in operationele processen, met natuur inclusieve standaarden en duurzaam grondgebruik als leidraad. |
KPI
Doel van het pachtbeleid is om alleen WMD gronden te verpachten als de pachter minimaal voldoet aan de basiseisen die zijn vastgesteld in het Grondbeleid van WMD. Dit doel moet in 2026 zijn behaald.
Onderstaand KPI is hiervoor geformuleerd. Voor deze KPI geldt: de oppervlakte van de verpachte gronden die voldoen aan de gestelde basiseisen voor alle pachters buiten waterwingebied in relatie tot de totale verpachte gronden van WMD.
| 2024 | ||
| Verpachte grond | 400,6 hectare | |
| Voldoet aan de basiseisen | 90,8% | |
| Voldoet niet aan de basiseisen | 9,2% |
13.6 Circulaire in-en uitstroom (inclusief afval)
Algemeen
Verantwoorde consumptie en productie (SDG 12) is één van de drie pijlers van het duurzaamheidsbeleid van WMD. Dit omvat het efficiënter gebruiken van grondstoffen, wat de druk op het milieu vermindert, evenals het verkleinen van de afhankelijkheid van deze grondstoffen en de overgang naar een circulaire economie.
Het doel is meer te doen met minder grondstoffen. Dit thema draagt bij aan de ambitie van de EU om Europa om te vormen tot een moderne, grondstoffenefficiënte en concurrerende economie.

Definities
De instroom van hulpbronnen verwijst naar de grondstoffen die WMD tijdens activiteiten en productie gebruikt. Het gebruik van hulpbronnen omvat de processen waarbij grondstoffen geconsumeerd, aangebracht of onttrokken worden.
De uitstroom van hulpbronnen heeft betrekking op de materialen die gerelateerd zijn aan de producten en diensten van het bedrijf. Dit betreft de hulpbronnen die geconsumeerd of getransformeerd worden tijdens de productie, distributie en het gebruik van de producten door de eindgebruiker. Het gaat om natuurlijke hulpbronnen zoals materialen, energie en water, evenals het afval en de uitstoot die voortkomen uit de bedrijfsactiviteiten.
Afval wordt gedefinieerd als alle materialen of stoffen die niet langer nuttig of nodig zijn en weggegooid worden. Afval kan worden geclassificeerd als gevaarlijk of niet-gevaarlijk, afhankelijk van de potentiële schade die het kan toebrengen aan de gezondheid van mensen of het milieu.
Impact
Het thema Circulaire in- en uitstroom (inclusief afval) is van belang vanuit impactmaterialiteit. Bij de productie van water genereert WMD reststromen, zoals ijzerslib en kalkkorrels. Een aanzienlijk deel hiervan krijgt een zo hoogwaardig mogelijke herbestemming in andere markten via Aquaminerals. Een gezamenlijke onderneming van de Nederlandse waterbedrijven.
In de bedrijfsvoering wordt ook veel materiaal gebruikt voor de distributie van water. Bij de sanering van leidingen worden deze, indien mogelijk, verwijderd. Materialen als PVC en gietijzer/staal kunnen worden gerecycled en opnieuw toegepast. Asbestcementleidingen worden 'gestort'.
De watermeters die WMD bij haar klanten vervangt, worden door WMD zelf gereviseerd en vervolgens opnieuw ingezet voor een periode van 12 jaar. Door steeds meer de principes van circulariteit toe te passen op onze bedrijfsvoering, draagt WMD bij aan een duurzamere samenleving.
Financieel
Circulaire in- en uitstroom (inclusief afval) is zowel vanuit impactmaterialiteit als financiële materialiteit als relevant beoordeeld. Een voorbeeld hiervan is het proces rondom de productie, bouw en het onderhoud van slibsilo's. In het drinkwaterproductieproces zelf is er weinig tot geen restproduct dat impact heeft op mens en milieu.
WMD is al enige jaren bezig met het vervangen van asbestcementleidingen. En dat gaat ook nog enkele jaren duren. De financiële impact hiervan wordt als significant ingeschat, maar er kan nog geen specifiek bedrag worden genoemd. Verdere verdieping op dit thema kan in de komende jaren leiden tot aanvullende inzichten en een nauwkeuriger schatting van de kosten.
Belangrijke resultaten
Circulariteit staat definitief op de agenda sinds de presentatie van het visiedocument 'Drents drinkwater. Altijd!' door WMD in 2022. Tot 2027 zet WMD in op het vergroten van inzicht en leren en experimenteren, zodat WMD bedrijfsbreed leert begrijpen wat de circulaire impact van WMD kan zijn. WMD realiseert concrete projecten.
De verwachting is dat de uitwerking van het thema Circulariteit en het programmaplan Sociaal en Duurzaam in 2025 zal resulteren in de opstelling van diverse beleidsplannen. En, nog belangrijker, in de concrete uitvoering van maatregelen om een grondstoffenreductie bij WMD te realiseren. Als sturing op de lange-termijndoelstellingen voor 2027 op het gebied van circulariteit, zijn de doelen voor 2025 als volgt:
1. In 2027 heeft WMD een eigen visie op en routekaart naar circulariteit in 2050.
Hiervoor is het programma Sociaal en Duurzaam opgezet, van waaruit aan deze doelstelling wordt gewerkt. Bouwstenen voor het realiseren van een effectieve visie worden nader gedefinieerd op het gebied van circulariteit.
2. In 2027 heeft WMD inzicht in haar grondstofstromen, inclusief impacts, kansen en risico’s.
Voor het thema circulariteit zijn de impacts, kansen en risico's met betrekking tot circulariteit uitgewerkt.
KPI
Op dit moment zijn geen KPI’s geformuleerd aangaande de circulariteit van WMD. De verwachting is dat dit in 2025 gaat gebeuren op basis van het nog op te stellen grondstoffenbeleid en de daarbij horende actieplannen.
13.7 Veilig en gezond werken
Algemeen
Veiligheid en gezondheid op de werkplek verwijst naar de maatregelen en het beleid die zijn ingevoerd om werknemers te beschermen tegen gevaren die kunnen leiden tot ziekte, letsel of overlijden. WMD heeft hierin de volgende visie vastgesteld:

WMD gelooft in een werkomgeving waarin alle medewerkers zich veilig, gerespecteerd en gewaardeerd voelen. Veiligheid, zowel fysiek als sociaal, is essentieel voor het welzijn van onze medewerkers en voor het creëren van een productieve en prettige werkcultuur.
WMD streeft naar een werkplek waar iedereen zich veilig voelt. Dat geldt zowel voor fysieke veiligheid als voor de mogelijkheid voor elke medewerker om zichzelf te zijn, zonder angst voor discriminatie, intimidatie of ander ongewenst gedrag.
De wijze waarop WMD dat wil bereiken is door middel van het actief stimuleren van een veiligheidscultuur. WMD stuurt op gedrag in plaats van cijfers, zodat het gedachtegoed onderdeel wordt van de bedrijfscultuur. Leidinggevenden spelen een belangrijke rol in deze ontwikkeling. Zij zijn integraal verantwoordelijk. Dus ook voor het thema veiligheid.
Door het onder de aandacht brengen van thema's op het vlak van sociale veiligheid en het geven van training, draagt WMD bij aan een veilige en prettige werkomgeving. Zo zorgt WMD ervoor dat medewerkers zo goed mogelijk beschermd worden tegen (potentiële) veiligheidsrisico’s en kansen benut worden om veiligheid te verbeteren.
Impact
Het thema is relevant vanuit impact materialiteit. Veilige en gezonde werkomstandigheden bij WMD. Als werkgever is WMD verantwoordelijk voor het bieden van een gezonde en veilige werkomgeving. Hierbij streeft WMD naar nul ongevallen bij haarzelf én haar aannemers en doet WMD haar werk vanuit het principe “Ik werk veilig of ik werk niet”.
Belangrijke resultaten
In 2024 is gestart met het vormen van een visie en ambitie op veiligheid. Deze visie is in december 2024 vastgesteld. Daarnaast is besloten om te werken (en te certificeren) aan de hand van de veiligheidsladder.
De Veiligheidsladder is een beoordelingsinstrument dat is ontwikkeld om organisaties te stimuleren om zich actief in te zetten voor het verbeteren van veiligheidsgedrag op de werkvloer. Het is een certificeringssysteem dat de mate van veiligheidsbewustzijn, houding, en gedrag binnen een organisatie beoordeelt.
De ladder bestaat uit vijf treden (niveaus), waarbij een hoger niveau een hoger veiligheidsbewustzijn en meer proactief veiligheidsmanagement betekent. WMD heeft de ambitie om uiteindelijk certificering te behalen voor niveau 4 in 2027.

Vooruitblik
2025 staat in het teken van het opstellen van actieplannen rondom het verbeteren van de veiligheidscultuur. Eén van de onderdelen hiervan is het implementatieplan van de veiligheidsladder, het vormen van een projectgroep en een meerjarenplan om invulling te geven aan de visie van WMD op dit vlak.
KPI
Voor het thema veilig en gezond werken zijn KPI's gedefinieerd. Vanaf 1 januari 2025 wordt data verzameld met betrekking tot de rapporterende KPI's. Deze KPI's zullen voor het eerst gerapporteerd worden over boekjaar 2025.
13.8 Veiligheid en gezondheid van eindgebruikers
Algemeen
De basisactiviteit van WMD is het leveren van drinkwater. Drinkwater is van levensbelang. Daarom is de taak van de drinkwaterbedrijven in Nederland verankerd in de Drinkwaterwet. Hiermee is de toegang tot schoon en veilig drinkwater geborgd:
- WMD heeft een leveringsplicht voor huishoudens in haar voorzieningsgebied.
- Het geleverde drinkwater moet voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen.
De positieve impact die WMD heeft op haar consumenten en eindgebruikers kan worden samengevat als het leveren van schoon, veilig en voldoende drinkwater. Wanneer deze levering onverhoopt is verstoord doet WMD er alles aan om dit zo kort mogelijk te laten duren.

Het leveren van drinkwater kan ook negatieve impact hebben. Zo kunnen boeren last krijgen van verlaging van de grondwaterstand door de onttrekkingen van WMD. Omdat WMD een monopoliepositie heeft in haar voorzieningsgebied, streeft zij naar optimale dienstverlening. WMD is daarover continu in gesprek met haar klanten.
Financieel
Investeringen in het distributienet om klanten aan te sluiten en/of aangesloten te houden, is een significante kostenpost voor WMD. Ook de compensatie van droogteschade voor boeren heeft financiële impact (€ 0,5 miljoen per jaar). In de toekomst kan dit mogelijk oplopen.
Belangrijke resultaten
In 2024 was het leveren van schoon en veilig drinkwater topprioriteit. De kwaliteit van het geleverde drinkwater werd en wordt dagelijks gemonitord. Bij afwijkingen volgt automatisch een melding en worden benodigde acties uitgevoerd.
Jaarlijks worden de waterkwaliteitsdata gerapporteerd aan de Inspectie Leefomgeving en Transport. Eens per 3 jaar wordt een prestatievergelijking tussen alle drinkwaterbedrijven uitgevoerd. Daarbij wordt onder meer gekeken naar waterkwaliteit en dienstverlening. Klanten kunnen op de website van WMD alle data rondom de samenstelling en kwaliteit van het drinkwater vinden. Dit zal in 2025 weer het geval zijn.
KPI
WMD hanteert een aantal interne KPI's om de dienstverlening te optimaliseren. Het gaat om het klanttevredenheidscijfer vanuit de klantencontactmonitor en het afhandelen van klachten. Deze worden besproken bij het onderdeel klant van dit jaarverslag. (Hoofdstuk 7.5)




